Reglement 3 Cross Country Rilland

 

Een team bestaat uit 2 rijders en 1 of 2 motoren.Beide rijders uit het team rijden met hetzelfde startnummer en dienen minimaal 16 jaar te zijn.

Een solo deelnemer rijdt alleen.

Het is het verplicht om uw startnummer aan de voorzijde en rechterzijde (of beide zijden) van uw motor zichtbaar te tonen.

Alle rijders dienen zich eerst te melden in de feesttent op het circuit. Hier is de aanmelding en wordt eventueel het kenteken en licentie  gecontroleerd.

De inschrijving vindt plaats van 10.00 tot 11.00 uur. Bij inschrijving ontvangt u 1 pitsarmbandje dat toegang voor 1 helper geeft.

De wedstrijd wordt over 1 manche van drie uur verreden. Er is steeds maar één rijder van het team in de baan.

Eventuele andere nummers op de motoren dienen afgeplakt te

worden.

De andere rijder wacht in het daarvoor aangewezen vak tot hij door de rijder die in de baan is, wordt afgelost en de transponder aan hem overdraagt. Vervolgens mag deze rijder de baan op.

De motoren dienen 30 minuten voor de start in het door de organisatie

aangewezen gesloten park gestald te worden. De motoren blijven gedurende de gehele wedstrijd in dit park. In dit wisselvak mag zich alleen de teamleider/monteur met pitsarmbandje, beide rijders en beide motoren bevinden en de eventuele onderdelen, benzine etc., dus geen toeschouwers! En zeker geen personen onder de 16 jaar.

Op aangeven van de wedstrijdleider wordt de motor van de eerste rijder

opgesteld voor de start.

De start van de wedstrijd is om 13.00 uur en er wordt gestart conform de cross country manier. Dit houdt in dat de rijder op de stilstaande motor zit met zijn handen bovenop zijn helm. Nadat het startsignaal is gegeven, mag de rijder zijn handen naar beneden doen en zijn motor starten en vertrekken.

Indien een rijder, als hij in de baan is, stil komen te staan door materiaalpech of een andere reden, dan zorgt hij eerst dat zijn motor van de baan wordt verwijderd. Vervolgens mag hij te voet naar het wisselvak gaan en daar de transponder aan de andere rijder overdragen. Ook mag de teamleider of de tweede rijder de transponder te voet gaan halen.

De rijders zijn verplicht minimaal 1x te wisselen. Gebeurt dit niet

volgt uitsluiting.

Voor de eerste drie teams en solo rijders zijn bekers beschikbaar.

Het is mogelijk om aan de inschrijftafel een transponder te huren. De kosten om te huren zijn €15,-. Er is echter een beperkt aantal transponders te huur. Reserveren kan via een e-mail naar Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken. OP=OP Gelieve te trachten zelf een transponder te regelen. 

Het verplicht om per team een milieumat in de pits te hebben. Heeft u geen milieumat, dan bent u van deelname uitgesloten.

De keuze van de banden is vrij.

De geluidsproductie van de motor mag niet hoger zijn dan 97 dBA. Met een geluidsmeter wordt deze norm gecontroleerd en als de motor meer geluid produceert dan toegestaan, is men van deelname aan de wedstrijd uitgesloten.

Het is verboden om buiten de baan met de motor en in het rennerskwartier te rijden. Bij overtreding wordt men van deelname aan de wedstrijd uitgesloten.

Er mag alleen in de pits getankt worden. Bij constatering van overtreding volgt diskwalificatie.

Bij het sleutelen aan de motor dient men ervoor te zorgen, dat er geen olie en andere verontreinigingen op het rennerskwartier achterblijven. Vang de afgetapte olie op en laat deze niet zomaar in het milieu lopen. Het afspuiten van motoren is ten strengste verboden.

Gooi afval in de daarvoor bestemde vuilnisbakken. Bij overtreding

van voornoemde punten is men van deelname uitgesloten.

De prijsuitreiking wordt om 17,00 uur gehouden in de feesttent op het circuit na afloop van de wedstrijd.

Geen restitutie van het inschrijfgeld bij verhindering of motor niet conform het reglement vóór de wedstrijd of het uitvallen tijdens de wedstrijd.

In alle gevallen waarin dit reglement niet voorziet, beslist de wedstrijdleiding.

Bij het inschrijfgeld is ook de verzekering inbegrepen, maar voor alle duidelijkheid:

Iedere rijder rijdt voor eigen risico. De verzekering dekt alleen de schade die wordt toegebracht aan omstanders.

 

 

 

 

 

 

 

KNMV CROSS COUNTRY REGLEMENT

 

 

2017

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

KNMV Zijpendaalseweg 1

Postbus 650

6800 AR ARNHEM

Tel. KNMV-Algemeen:     (026) 352 85 10

Tel. KNMV-Sport:                (026) 352 85 17

Fax:                                        (026) 352 85 22

Internet:                               www.knmv.nl

E-mail:                                   Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.


 

Inhoud

1                DEFINITIE VAN CROSS COUNTRY....................................................................................................................................................3

2                MACHINES, KLASSEN EN LICENTIES ................................................................................................................................................3

3                KLASSENINDELING............................................................................................................................................................................3

4                OFFICIËLE SIGNALEN/TEKENS..........................................................................................................................................................3

5                INFORMATIE ......................................................................................................................................................................................4

6                MACHINES EN TRANSPONDERS......................................................................................................................................................4

6.01       Machines tijdens de wedstrijd......................................................................................... 4

6.02       Transponders...................................................................................................................... 4

6.03       Rijnummers ......................................................................................................................... 5

7                START..................................................................................................................................................................................................5

7.01       Startprocedure .................................................................................................................. 5

7.02       Valse starts.......................................................................................................................... 6

8                WEDSTRIJD ........................................................................................................................................................................................6

8.01       Wedstrijdtijd........................................................................................................................ 6

8.02       Keuze van de machine.................................................................................................... 6

8.03       Het stoppen van een wedstrijd....................................................................................... 6

8.04       Veiligheid en milieu........................................................................................................... 7

8.05       Hulp van buitenaf / afsnijden van de baan ................................................................. 7

8.06       Rennerskwartier ................................................................................................................. 7

8.07       Opstelruimte ...................................................................................................................... 8

8.08       Pitstraat............................................................................................................................... 8

8.09       Huldiging ............................................................................................................................ 8

8.10       Technische Controle......................................................................................................... 8

8.11       Geluidscontrole.................................................................................................................. 8

8.12       Protesten ............................................................................................................................ 9

8.13      Aansprakelijkheid................................................................................................................ 9

8.13       Rijdersgedrag..................................................................................................................... 9

9                RESULTATEN/KLASSERINGEN .........................................................................................................................................................10

9.01       Dagklassement................................................................................................................10

9.02       Gelijke eindstand ............................................................................................................10

9.03       Deelname in één klasse.................................................................................................10

10              COMPETITIES ...................................................................................................................................................................................10

10.01     Rijtijden..............................................................................................................................10

10.02      Startvolgorde...................................................................................................................10

10.03     Startopstelling ..................................................................................................................11

10.04     Puntentelling ....................................................................................................................11

10.05     Deelnemers......................................................................................................................11

11                  INSCHRIJVINGEN / INSCHRIJFGELD.........................................................................................................................................11

11.01     Inschrijvingen ...................................................................................................................11

11.02     Inschrijfgeld ......................................................................................................................11

12                  SLOTBEPALINGEN.......................................................................................................................................................................11

12.01          Bevoegdheid wedstrijdleider ....................................................................................11

12.02     Bevoegdheid KNMV OET commissie............................................................................11


 

 

 

1            DEFINITIE VAN CROSS COUNTRY

 

 

Cross Country is een terreinwedstrijd op een voor het openbaar verkeer afgesloten circuit met hindernissen. De lengte van het parcours dient minimaal 3 kilometer te zijn, wenselijk 5 kilometer, de breedte van de baan is, waar mogelijk, 5 meter.

 

2            MACHINES, KLASSEN EN LICENTIES

 

 

De wedstrijden staan open voor machines zoals omschreven in het Technisch

Reglement Motocross.

 

 

Deelname aan deze wedstrijden is voorbehouden aan houders van een geldige

KNMV offroad-, motocross-, enduro- of Basis Sport licentie.

 

 

Deelname met een geldige internationale licentie (van een buitenlandse bond, aangesloten bij de FIM) kan alleen als de wedstrijd op de FIM of op de FIM Europe kalender staat.

 

Het is ook mogelijk om deel te nemen met een dagpas.

 

 

Bij overige, niet in dit reglement benoemde wedstrijden en/of klassen, geldt altijd de voorwaarde dat deelnemers dienen te voldoen aan de minimum leeftijd voor de maximale cilinderinhoud van de machine. Deelnemers aan overige klassen dienen verder te voldoen aan artikel 26 van het technisch motocross reglement

‘Uitrusting en beschermende kleding’ en het Motocross geluid reglement. Daar-

naast kunnen bij overige klassen de wedstrijdduur en de startprocedure verschillen van hetgeen in dit reglement beschreven staat en is het mogelijk dat er in team verband (rijderswissel) wordt deelgenomen

 

3            KLASSENINDELING

 

 

Pro Expert         Houders van een internationale motocross- of endurolicentie

Sport A              Houders van een nationale- of cuplicentie Sport B               Houders van een Basis Sport- of offroadlicentie Jeugd               65 tot 100 cc

 

Met uitzondering van de Jeugd is de minimum cilinderinhoud 125cc tweetakt of

250cc viertakt, minimumleeftijd per categorie motor volgens KNMV Motorcross

Reglement.

 

 

In iedere klasse is deelname met een daglicentie mogelijk.

 

4            OFFICIËLE SIGNALEN/TEKENS

 

 

Officiële signalen worden gegeven door middel van een vlag of bord en wel als volgt:


 

Signaal                                          Betekenis

Groen:                                           Gereed voor de startprocedure

Rood:                                             Stop, verplicht voor iedereen

Zwart bord met rijnummer:      De aangeduide deelnemer moet stoppen

Geel stilgehouden:                 Gevaar, langzaam rijden; inhalen en springen verboden

Geel gezwaaid:                       Ernstig gevaar, langzaam rijden; inhalen en springen

verboden; de deelnemer moet zich voorbereiden om te stoppen

Blauw:                                            Opgelet, u wordt gepasseerd door een rijder met een ronde voorsprong

Zwart/wit geblokt:                      Einde van de wedstrijd

Bord met 5 of 15:                        Aanduiding in seconden over de tijdsduur tot de start

 

 

Het negeren van vlagsignalen wordt bestraft met diskwalificatie (in de desbetref- fende wedstrijd). Verder wordt aan de wedstrijdleider het recht voorbehouden dat hij de rijder in kwestie een zwaardere straf kan opleggen (uitsluiting en/of verwijzing naar de Tuchtcommissie).

 

Het vaststellen van het negeren van vlagsignalen wordt uitsluitend bepaald door een official of vlaggenist.

 

5            INFORMATIE

 

 

De organisatie moet alle ingeschreven licentiehouders en dienstdoende officials tijdig voorzien van de nodige wedstrijdinformatie en het Aanvullend Reglement.

 

6            MACHINES EN TRANSPONDERS

 

6.01      Machines tijdens de wedstrijd

 

 

Bij de wedstrijden is het de deelnemers slechts toegestaan om één machine te gebruiken die door hen onder hun eigen naam en startnummer bij de machine- keuring is aangeboden en zijn goedgekeurd.

 

6.02      Transponders

 

 

De tijden/klasseringen worden per deelnemer geregistreerd middels een trans- ponder. Hiertoe dienen alle deelnemers in het bezit te zijn van een persoonlijke transponder en telkens met hun persoonlijke transponder te rijden. De transponder moet van het type MYLAPS MX (oranje) zijn. Bij inschrijving dient het transponder- nummer doorgegeven te worden.

 

Elke deelnemer is verplicht om vóór elke wedstrijd een goed functionerende, voldoende opgeladen, persoonlijke transponder te monteren op de motorfiets waarmee men deelneemt. Een transponder is voldoende opgeladen als het lampje tenminste twee keer groen knippert. Deze dient op een deugdelijke wijze aan de voorvorkpoot aan de linker- of rechterzijde, achter het nummerbord gemonteerd te worden.


 

 

 

Ondanks het gebruik van transponders dienen de rijnummers en ondergronden aan het in het Technisch Reglement gestelde te voldoen.

 

Het goed monteren en functioneren van de transponder is de eigen verantwoor- delijkheid van de deelnemer. Is er geen transponder aanwezig, of functioneert deze niet goed, dan vindt er geen registratie van tijden plaats. Alle nadelige gevolgen van het niet of foutief aanbrengen of disfunctioneren van de transpon- der, komen volledig voor rekening en risico van de deelnemer. Daartegen kan geen protest worden aangetekend.

 

Het is niet toegestaan om tijdens wedstrijden stil te staan binnen een straal van 20 meter rondom de finishlijn. Het is verboden om met een geladen transponder in de tijdwaarnemersruimte te komen.

 

De houder van een transponder wordt te allen tijde verantwoordelijk geacht voor het gebruik daarvan, ongeacht of daarvan zelf of door anderen gebruik wordt gemaakt.

 

6.03      Rijnummers

 

 

De volgende nummerreeksen zijn bepaald:

- Pro Expert                :        1 t/m 99

- Sportklasse A          :        100 t/m 199

- Sportklasse B           :        200 t/m 299

- Jeugd                       :        1 t/m 99

 

 

Rijnummers worden verstrekt bij de inschrijving.

 

7            START

 

7.01      Startprocedure

 

 

Er vindt een groepsstart plaats met stilstaande motoren. De deelnemers worden in rijen opgesteld op het startveld. Het gebruik van blokjes en/of andere hulpmidde- len bij de start is niet toegestaan. Door middel van een groene vlag wordt aan de starter kenbaar gemaakt dat de deelnemers startgereed zijn (zittend op de motor, motor uit, met beide armen omhoog).

 

De starter toont gedurende 15 volle seconden een "15" seconden teken en het startteken wordt gegeven tussen de 5 en 10 seconden nadat het "5" seconden teken getoond wordt. Het "5" seconden teken blijft omhoog totdat het startteken is gegeven. Op het moment dat het startteken is gegeven mogen de deelnemers hun motor starten en aan de wedstrijd beginnen.

 

Rijders die hun plaats op het startveld eenmaal hebben ingenomen, mogen niet meer van plaats veranderen, noch teruggaan naar de opstelruimte of hulp ontvangen voorafgaande aan de start. Als een rijder mechanische problemen heeft aan de start moet hij op hulp wachten tot de start is geweest. Als de start is


 

geweest mag hij alleen op die plaats hulp krijgen van zijn monteur. De straf voor overtreding van deze regel is uitsluiting van de betreffende wedstrijd.

 

Zodra de eerste rijder is opgereden naar het startveld worden rijders die na dit tijdstip de opvangruimte binnenkomen, achteraan geplaatst in de startvolgorde. Proefstarts in de opstelruimte en bij het oprijden naar de start zijn verboden.

 

Urineren in de opstelruimte is uitsluitend toegestaan gebruikmakende van de sanitaire voorziening(en), mits door de organisator geplaatst. Overtreding wordt bestraft met 1 minuut tijdstraf in de betreffende wedstrijd. Bij afwezigheid van sanitaire voorziening(en) in de opstelruimte dient de rijder buiten de opstelruimte gebruik te maken van de daar aanwezige sanitaire voorzieningen.

 

Rijders wiens motorfiets niet start tijdens de oprijdprocedure, kunnen op het moment dat de motorfiets alsnog start, aansluiten achter de reeds opgestelde rijders aan de start.

 

Het opstellen van de deelnemers op het startveld gaat als volgt:

1.            De deelnemers moeten plaatsnemen op de eerste rij van hun klasse, aangegeven met rijnummers, tot deze geheel is opgevuld.

2.            Pas nadat de eerste rij per klasse volledig is opgevuld, kunnen de deelne- mers een plaats innemen op de tweede rij.

 

Op het startveld mogen de deelnemers geen veranderingen aanbrengen. Alleen deelnemers, officials en pers mogen zich op het startgedeelte bevinden.

 

7.02      Valse starts

 

 

De wedstrijdleider duidt een valse start aan door met een rode vlag te zwaaien waarna de wedstrijd gestopt wordt, in elk geval voor de eerste doorkomst. De deelnemers moeten terug naar de opstelruimte en de herstart zal zo spoedig mogelijk plaatsvinden. Verwisselen van motorfiets na een valse start is verboden.

 

8            WEDSTRIJD

 

8.01      Wedstrijdtijd

 

 

De wedstrijdtijd is reglementair vastgesteld op 2 uur voor alle klassen, met uitzon- dering van de Jeugd. Voor de Jeugd geldt een wedstrijdtijd van 1 uur.

 

8.02      Keuze van de machine

 

 

Een deelnemer kan per wedstrijd een andere machine gebruiken, mits deze voor aanvang van zijn wedstrijd is goedgekeurd en als zodanig is geregistreerd.

 

8.03      Het stoppen van een wedstrijd

 

 

De wedstrijdleider heeft het recht om op eigen initiatief, wegens dringende veiligheidsmaatregelen of andere gevallen van overmacht, een wedstrijd voortij-


 

dig te beëindigen.

 

 

Indien de wedstrijd wordt gestopt voor de tweede doorkomst, zal zo spoedig mogelijk een herstart plaatsvinden. De deelnemers worden meteen opgesteld in de opvangruimte. Verwisselen van motorfiets voor de herstart is verboden. Indien de wedstrijdleider een wedstrijd stopt na de tweede doorkomst dan geldt de klassering van de ronde voorafgaand aan de afgevlagde ronde. Voor een geldige uitslag moet minimaal 30 minuten zijn gereden. Indien de omstandighe- den het toelaten vindt een herstart plaats volgens de standaard startprocedure.

 

8.04      Veiligheid en milieu

 

 

De wedstrijdleider kan een deelnemer of zijn machine om reden van veiligheid of milieu een start weigeren, in de wedstrijd een tijdstraf opleggen, diskwalificeren of middels een zwarte vlag in combinatie met het rijnummer uit de wedstrijd nemen. De rijder dient dan onmiddellijk de wedstrijd te verlaten of in de aangewezen ruimte het defect te (laten) herstellen.

 

8.05      Hulp van buitenaf / afsnijden van de baan

 

 

Alle hulp van buitenaf op de baan is verboden behalve als deze verleend wordt door een baancommissaris van de organisatie, een official en/of een helper in het belang van de veiligheid. De straf voor overtreding van deze regel is uitsluiting van verdere deelname aan de wedstrijd. Het 'afsnijden' van de baan is verboden, een rijder dient zijn/haar weg te vervolgen waar de baan is verlaten, gebeurt dit niet dan volgt uitsluiting.

 

8.06      Rennerskwartier

 

 

De plaatsen voor de deelnemers worden door de organisator aangewezen. De deelnemers zijn verplicht om daarbij de aanwijzingen van de clubofficials op te volgen. Een deelnemer die tijdens een wedstrijd met zijn machine het circuit verlaat, mag die betreffende wedstrijd niet meer vervolgen. Het afspuiten van motoren of andere voorwerpen is alleen toegestaan op, of in het door de organi- sator aangewezen en duidelijk kenbaar gemaakte plaats. Indien geen afspuit- plaats voorhanden is, is het afspuiten van motoren zonder toestemming van de organisator verboden.

 

Rijden in het rennerskwartier

Het is niet toegestaan om zich met scooters, minimotoren of andere gemotori- seerde vervoermiddelen te bewegen in het rennerskwartier of op de toegangs- wegen naar en rond het circuit. De deelnemers zijn hierbij verantwoordelijk voor hun teamleden. Overtreding hiervan kan bestraft worden met een geldboete en/of een andere disciplinaire maatregel. Ook voor deelnemers is het verboden te rijden in het rennerskwartier en tussen het rennerskwartier en het circuit, tenzij de wedstrijdleiding in overleg met de organisator anders beslist.

 

Het gebruik van milieumatten in het rennerskwartier is verplicht. Deze matten dienen door de rijders zelf te worden aangeschaft.


 

 

 

Specificaties milieumat

De minimale grootte van de milieumat dient zodanig te zijn dat de motorfiets er volledig op kan staan. Het opnamevermogen dient ca. 1.50 liter olie per vierkante meter matoppervlak te zijn. De rug van de mat dient van kunststof te zijn welke bestand is tegen de in- en bij de motor gebruikte vloeistoffen en moet trek- en scheurvast te zijn. De mat mag niet doorlekken. Een mat met scheuren of gaten wordt afgekeurd. Matten die niet meer geschikt zijn kunnen bij een gemeentelijk afvaldepot worden ingeleverd onder vermelding van “oliehoudend afval”.

 

8.07      Opstelruimte

 

 

De opstelruimte voor de startzone is alleen toegankelijk voor de deelnemers met reglementair toegelaten helpers en officials. Roken en open vuur is in deze ruimte verboden.

 

8.08      Pitstraat

 

 

Voor het ingaan van de aangeef- en reparatieruimte moet de motor uitgezet worden (verplicht lopen naast de motor). Ook na het tanken moet de motor uit blijven tot de uitgang van de aangeef- en reparatieruimte. Overtreding wordt bestraft met diskwalificatie.

De motor mag alleen door de rijder verplaatst worden, zonder hulp van derden.

 

 

Toegang tot deze ruimte hebben alleen de rijders en monteurs die tijdens de wedstrijd reparaties en afstellingen aan de machines uitvoeren, de aangevers en de overige daartoe bevoegde personen vanaf de leeftijd van 16 jaar.

 

Bijtanken is alleen toegestaan in deze reparatieruimte en moet gedaan worden met uitgeschakelde motor. Rijders die de reparatieruimte binnengaan, moeten stoppen voor zij weer de baan op gaan. Overtreding betekent uitsluiting van de betreffende wedstrijd. Alcoholische drank, roken en open vuur is in deze ruimte verboden. De organisatie dient voor voldoende geschikte en goedgekeurde brandblussers te zorgen in de pitsstraat.

 

8.09      Huldiging

 

 

Deelname aan de huldiging  is verplicht voor de eerste drie rijders per klasse.

 

8.10      Technische Controle

 

 

Alle technische controles worden uitgevoerd overeenkomstig het Motocross

Technisch Reglement.

 

 

 

8.11       Geluidscontrole

 

 

Alle geluidscontroles en straffen worden uitgevoerd overeenkomstig de geluid- normering uit het Motocross Reglement.


 

8.12      Protesten

 

 

Zie Tuchtreglement en het reglement Protesten.

 

8.13      Aansprakelijkheid

 

 

Overeenkomstig het Motorsport Reglement kunnen deelnemers noch de KNMV en haar officials, noch de organisator en haar medewerkers, noch enig andere deelnemer aan wedstrijden aansprakelijk stellen voor de gevolgen, voortvloeien- de uit deelname aan wedstrijden, de bijbehorende wedstrijden en de vrije wed- strijden. Deelnemers kunnen elkaar onderling niet aansprakelijk stellen voor persoonlijke- en/of materiële schade.

Zie ook het aan het licentieaanvraag verbonden document “Aansprakelijkheid en

verzekeringen”.

 

8.13       Rijdersgedrag

 

 

Rijders dienen zich te allen tijde te houden aan de regels zoals deze voor hun sport zijn vastgelegd.

 

Rijders moeten lichamelijk en mentaal fit zijn om hun machine zodanig onder controle te kunnen houden dat de veiligheid van de andere rijders, teamleden, officials, toeschouwers en andere personen betrokken bij het evenement niet onnodig in gevaar kan komen.

 

Rijders dienen lichamelijke gebreken/ziektes of verwondingen voor het begin van de wedstrijd of wedstrijd te melden aan de wedstrijdarts.

 

Gedurende het gehele evenement dienen de motoren aan het technisch regle- ment te voldoen. De rijders zijn hiervoor verantwoordelijk.

 

Rijders kunnen verantwoordelijk gehouden worden voor het gedrag van hun teamleden.

 

Het is de rijders en hun teamleden verboden om met enig type motor op het circuit te rijden buiten de officiële wedstrijden en wedstrijden om.

 

Rijders dienen gevolge te geven aan de officiële vlagsignalen en aanduidingen op de signaalborden.

 

Indien een rijdersbriefing is opgenomen in het programma dienen de rijders hierbij aanwezig te zijn om op de hoogte te zijn van de meest recente wedstrijdinforma- tie door de wedstrijdleider. Ook teamleden zijn hierbij welkom.

 

Rijders dienen op een zodanige verantwoordelijke en sportieve wijze te rijden dat

zij geen gevaar opleveren voor de andere deelnemers of deze bewust hinderen in de wedstrijden of buiten de wedstrijden.


 

9            RESULTATEN/KLASSERINGEN

 

 

De wedstrijdtijd gaat in op het moment dat het eerste startteken wordt gegeven. De tijd waarop een deelnemer de finishlijn passeert wordt geregistreerd op het moment dat de transponder de finishlijn overschrijdt. Nadat de vastgestelde rijtijd is verstreken wordt de rijder die het grootste aantal ronden heeft afgelegd als eerste afgevlagd. De volgende deelnemers worden afgevlagd als zij de finishlijn passeren. Iedere deelnemer die reglementair finisht en geklasseerd is, ontvangt minimaal 1 punt voor het klassement.

 

Niet geklasseerd worden de deelnemers die, tenzij het Aanvullend Reglement anders voorschrijft:

a)          De finishlijn niet binnen 30 minuten na de doorkomst van de winnaar

gepasseerd zijn.

b)          De baan hebben afgesneden of niet op de juiste wijze hebben afgelegd.

 

9.01      Dagklassement

 

 

Puntentelling per wedstrijd per klasse: 100, 95, 91, 88, 86, 85 enz. Voor alle klassen geldt dat alle deelnemers die reglementair finishen 1 punt krijgen toegewezen.

 

9.02      Gelijke eindstand

 

 

Indien in de eindstand van een competitie meer licentiehouders eindigen met een gelijk aantal punten, dan geldt het navolgende voor het bepalen van de hoogste klassering:

a)   Het aantal eerste plaatsen; b)   Het aantal tweede plaatsen; c)   Het aantal derde plaatsen;

d)   De beste klassering in de laatste wedstrijd van de betreffende competitie.

 

9.03      Deelname in één klasse

 

 

Men kan slechts in één (1) klasse deelnemen tijdens een evenement.

 

10          COMPETITIES

 

10.01    Rijtijden

 

 

Voor alle klassen 2 uur, met uitzondering van de Jeugd. Voor de Jeugd geldt een rijtijd van 1 uur.

 

 

 

10.02      Startvolgorde

 

 

Het is mogelijk dat er meerdere klassen tegelijk starten, indien vermeld in het

Aanvullend Reglement.


 

10.03    Startopstelling

 

 

De startopstelling voor de eerste wedstrijd is op rijnummer, voor volgende wedstrij- den op volgorde van tussenstand.

 

Inschrijving: deelnemers die te laat komen voor de inschrijving sluiten achteraan bij de opstelling in de opstelruimte voor de wedstrijd en rijden als laatste op voor de wedstrijd.

 

10.04    Puntentelling

 

 

Volgens de uitslagen per klasse per wedstrijd: 100, 95, 91, 88, 86, 85 enz. Voor het bepalen van de eindstand van het kampioenschap worden alle verreden wed- strijden geteld.

 

10.05    Deelnemers

 

 

Deelnemers die in het bezit zijn van een KNMV licentie, een internationale licentie van een buitenlandse bond (aangesloten bij de FIM) of een KNMV dagpas. Buitenlandse licentiehouders kunnen alleen deelnemen met een internationale licentie indien de betreffende wedstrijd vermeld staat op de FIM Europe en/of FIM kalender of met een KNMV dagpas. Verder overeenkomstig de bepalingen in het Aanvullend Reglement.

 

11              INSCHRIJVINGEN / INSCHRIJFGELD

 

11.01         Inschrijvingen

 

 

Voorinschrijving is verplicht via de website van de KNMV of organisator, per evenement in het Aanvullend Reglement vast te leggen. De inschrijving sluit één week voor het evenement.

 

11.02         Inschrijfgeld

 

 

Het inschrijfgeld wordt vermeld in het Aanvullend Reglement.

 

12              SLOTBEPALINGEN

 

12.01         Bevoegdheid wedstrijdleider

 

 

De wedstrijdleider is bevoegd alle reglementaire maatregelen te nemen, ook in alle gevallen waarin dit Cross Country Reglement niet voorziet, tijdens de wedstrijd

en de wedstrijd betreffende beslist de wedstrijdleider.

 

 

 

12.02         Bevoegdheid KNMV OET commissie.

 

 

In alle gevallen waarin dit Cross Country Reglement niet voorziet, beslist de KNMV OET commissie.

Facebook

SFbBox by psd to html